Ubuntu 10.10

Zondag 10 oktober 2010 is het weer zover, dan ziet Ubuntu 10.10 het daglicht. Enkele weken voor de gebruikelijke datum in de releasecycle, maar de vreugde zal er misschien niet minder om zijn. De release candidate is afgelopen week beschikbaar gekomen dus werd het tijd om te kijken hoe Ubuntu er voor staat. Ik kan al wel vast verklappen dat ik gemengde gevoelens heb, maar toch mogelijkheden zie voor Ubuntu.

Jarenlang heeft Canonical getracht om Ubuntu op een CD te persen en out of te box alles aan de praat te hebben voor de gebruiker. Dit lukte al jaren redelijk goed door oa opties te beperken, maar nu is de installatiemethode nog verder te zijn versimpelt. De vraag blijft alleen waarom Ubuntu niet standaard voor /home een apart volume aanmaakt en machines standaard niet laat synchroniseren via NTP.

Verder zie lijkt Canonical met Ubuntu goed te hebben gekeken naar Google en Apple, want Ubuntu lijkt langzaam het appliancemodel te volgen waarbij data wordt opgeslagen bij bv Ubuntu One. Muziek is daar een voorbeeld van, maar ook contactgegevens uit oa Evolution. Dit is wel een punt wat mij doet twijfelen of dat wel een goed idee is. Zeker met de speeches over de freedom-box nog in het achterhoofd.

Het andere punt is dat Ubuntu prettige verschijning moet worden. Het nieuwe Ubuntu font is tegenwoordig standaard actief en hoewel er toch iets mis mee lijkt te zijn geeft het wel een prettig beeld om naar te kijken. Maar dit geldt ook voor het standaard thema welke bij de vorige release de standaard is geworden. Veel punten zijn aangepakt waardoor het geen donkere brei meer lijkt te zijn en meer contrast heeft. Helaas is er nog veel te verbeteren op zowel het gebied van de interface als de interactie met gebruiker, maar hier in een latere posting meer over.

De technische verbeteringen bij deze release zijn een update naar GNOME 2.32 en Linux 2.6.35. Ook wordt bij deze release een applicatie ingeruild voor een andere applicatie en dat is deze keer F-Spot die wordt vervangen door Shotwell. Het is te hopen dat bij de volgende release van Ubuntu Tomboy wordt ingeruild voor Gnote zodat er ruimte vrij komt op de installatie CD doordat dan de noodzaak voor Mono op de installatie CD ontbreekt. Hopelijk worden de plannen voor 11.04 in de komende maanden definitief en kunnen we zien wat de toekomst gaat brengen.

Toch ben ik wel te spreken over deze Ubuntu release en doet me mogelijk Debian Testing toch inruilen voor Ubuntu op de desktop. Het is een redelijke balans tussen recente software, weinig wijzigingen, maar ook goed bruikbaar voor iedereen op vele hardware combinaties. Dit is misschien ook het sterke punt van Ubuntu, elke zes maanden een release met duidelijke plannen vooraf waar de gemeenschap aan kan meewerken. We zullen zien hoe de release volgende week zondag verloopt.

RFC 5006 ondersteuning

Sinds enige tijd doe ik mee aan de IPv6-pilot van XS4ALL om gebruik te kunnen maken van IPv6 zonder dit via een extra tunnel te doen. In een recente update, versie 54.04.81-17599, voor oa de Fritz!Box 7270 van AVM is de ondersteuning voor RFC 5006 goed aangepakt. Helaas staat deze optie standaard uit, maar wel begrijpelijk om potentiële problemen te voorkomen met minder goed werkende netwerk hardware. Gelukkig zijn zowel MacOS X als vele Linux distributies klaar voor RFC 5006.

De vraag alleen is wat heb je aan RFC 5006? Het ligt eigenlijk in de provisioning van de nameservers die kunnen worden gebruikt als resolver. Met de komst van IPv6 is een DHCP-server eigenlijk niet meer nodig en blijft de vraag over hoe je sommige configuratie-items gaat zetten. En hoewel RFC 5006 een smerige hack lijkt is het eigenlijk wel netjes, want er zijn voorzieningen om bepaalde uitgiften te laten ondertekenen in IPv6. Hiermee gebruikt de client alleen gegevens met het juiste signature en is het eigenlijk veiliger dan vele DHCP-oplossingen die nu binnen bedrijven staan, maar een daadwerkelijke bruikbare oplossing laat nog op zich wachten.

Het aan de praat krijgen op bv Debian of Ubuntu is vrij simpel met de volgende opdracht.

$ sudo apt-get install rdnssd resolvconf

Als je nu reboot en kijkt in /etc/resolv.conf krijg je bv het volgende te zien:

$ cat /etc/resolv.conf
# Dynamic resolv.conf(5) file for glibc resolver(3) generated by resolvconf(8)
# DO NOT EDIT THIS FILE BY HAND -- YOUR CHANGES WILL BE OVERWRITTEN
nameserver fd00::21f:3fff:fe30:4ff0
nameserver 192.168.178.1
search fritz.box

Wat nu nog overblijft is NTP wat met behulp van NTP-broadcasting gedaan zou kunnen worden, maar hier kleven wel nadelen aan. Want hoe kan je de broadcaster vertrouwen dat hij de juiste tijd geeft? Hoor ik hier een oplossing in DNSSEC?

Ubuntu 9.10

Ubuntu logoOp 29 oktober was het weer zover en werd Ubuntu 9.10 de wereld in gestuurd. Een nieuwe release die als Windows 7 killer werd aangekondigd, maar is dat zo? Berichten op oa Slashdot vertellen anders en bekende die al upgrade hebben gedaan zijn ook niet echt te spreken. Tijd om met VirtualBox eens te gaan kijken wat hier van waar is.

De eerste test met een verse installatie ziet er goed uit. De installatie ziet er goed uit en is duidelijk geleerd van projecten zoals OpenSolaris-project Caiman, maar hier stopt het ook redelijk. Ubuntu maakt nog steeds dezelfde fouten die ze niet willen oplossen blijkbaar. Mirroring, LVM en fatsoenlijke diskencryptie zijn nog steeds geen onderdeel van de standaard installer en niet de huidige oplossing met eCryptFS wat een redelijk brakke oplossing is. Een positief punt blijft wel dat je met een enkele CD-ROM een werkende desktopomgeving kan krijgen.

Na de installatie staat de eerste set update al klaar en blijft het met z’n 24MB beperkt en lijkt het beter te gaan dan bij release 8.10 en 9.04. Helaas stopt het sprookje hier en beginnen de eerste hindernissen. Ubuntu developers lijken een voorkeur te hebben om hun muis te gebruiken en alleen hun muis. GNOME is op een dermate manier bijgewerkt dat sommige functies niet meer te besturen zijn met een toetsenbord. Ook lijkt de keuze voor Empathy minder goed uit te pakken dan ze voor ogen hadden. Elke keer Empathy opstarten om de contactlijst te krijgen of je moet meerdere muisklikken willen doen om hetzelfde te bereiken. Ook starten sommige dingen niet vanzelf bij het inloggen terwijl dit wel hoort.

Kijkende naar de bugreports en naar de voorgaande releases begint er een trend te ontstaan. Ubuntu splitst Debian Unstable af en compiled de laatste versie van oa Glibc, GNOME en Linux-kernel. Vanaf dat moment worden openstaande problemen verholpen en hier beginnen ook de structurele problemen. Dit is ook waar Ubuntu anders is dan Debian en waarom Debian minder vaak released dan Ubuntu. Als Ubuntu iets meer aan QA zou doen ipv altijd op de cutting-edge te zijn dan kan het wel wat worden, maar voorlopig is het nog echt niet productierijp. Hopelijk wordt het beter met de komende LTS-release in april 2010.

Mono is the golden bullet?

Logo of the Mono-projectAfter many years and a lot of resistance, it may be that Microsoft worked it’s way into the Free Software world. And the result may be more horrifieing than one can imagion, but the way was maybe to simple to see in the beginning. It all started in 2000 with the release of the specifications of .NET and in 2002 with the release of .NET 1.0 by Microsoft.

In 2004 was the first release of Mono ready and Novell jumped on it like a lioness on a wildebeest. The integration in the OpenSuSE 10-tree started, but others like Redhat refused for the same reason Java from Sun was an issue. But here played Microsoft ball like no one else as they found someone to implement there platform for free under the GPL. Novell takes the blame when thing go bad and Microsoft gets a grip on Linux-market when thing go well.

As SuSE being a KDE-distribution Novell had some issues since other bigger players had selected GNOME as the new defacto desktop. This has changed over time and with a lot of GNOME developers on the payroll of Novell these issues where fixed. Critical applications like Tomboy, F-Spot, Banshee and Beagle where build in an attempt to let GNOME depend on Mono. They partially succeeded, because Beagle was bloatware and developers found a solution in MetaTracker, but Tomboy was added to the releasecycle.

The discussion gets a second round as the biggest Linux-distribution on the planet gives Mono a go by starting depending meta-packages in there distribution. The change in Debian starts to split the community as time goes by. And remember, this is the distribution who thinks they should be more free then Richard M. Stallman. But with the next release a lot of new installations start to include Mono and for Debian-based distributions like Ubuntu this may even become on an earlier moment.

One may ask how this could happen, but it may be more wise to see how we can stop this for spreading. I’m not gone run any .NET-based applications as I’m glad to see Java go from my machines (yes, NetBeans appears to be nice, but give bloatware a new definition). Also tests with other GNOME-applications to remove support for Python or Perl where a good indicator for me to try to drop support for them. It only leaves me with the final question what to use when Debian goes bad? And with a growning dependency on Mono and OpenJDK this could happen.

APT-P2P gebruiken

Peer-to-peer staat in een kwaaddaglicht door oa de illegale content die op deze manier zou worden verspreid, maar gelukkig kan de technologie ook voor andere doeleinden worden gebruikt. Zo is het ook mogelijk om je packages voor Debian op deze manier binnen te halen en te verspreiden. Er is sprake geweest van DebTorrent, maar er zaten meer nadelen dan voordelen aan zoals seed-files die nodig zijn en de minimale grote van een package die op 32kB ligt. Via Kademlia, welke ook bijvoorbeeld bij eMule werd gebruikt, zijn deze problemen niet aanwezig.

De applicatie apt-p2p is de laag tussen de Debian-mirrors en de clients. Mocht apt-p2p een bestand niet vinden in de distributed hash table van het Kademlia netwerk dan wordt het bestand gedownload van een Debian-mirror en daarna opgeslagen in de lokale cache van apt-p2p. Op deze manier komen veel gebruikte bestanden beschikbaar het p2p-netwerk binnen om zo de belasting op mirrorservers te beperken.

Het installeren op Debian gaat vrij simpel:

$ sudo apt-get install apt-p2p

In het bestand /etc/apt-p2p/apt-p2p.conf zetten we een limiet op de upload van 10kB/s om de ADSL-verbinding niet al te zwaar te belasten:

UPLOAD_LIMIT = 10

Hierna moet /etc/apt/sources.list nog worden vertelt dat een lokale proxy moet worden gebruikt:

deb http://localhost:9977/ftp.nl.debian.org/debian/ stable main
deb-src http://localhost:9977/ftp.nl.debian.org/debian/ stable main
deb http://localhost:9977/security.debian.org/ stable/updates main
deb-src http://localhost:9977/security.debian.org/ stable/updates main
deb http://localhost:9977/volatile.debian.org/debian-volatile stable/volatile main
deb-src http://localhost:9977/volatile.debian.org/debian-volatile stable/volatile main

Als laatste stap moet de package index nog worden bijgewerkt:

$ sudo apt-get update

Vanaf dit moment is de gehele constructie operationeel en werkt zolang de computer aanstaat en verbinding heeft met Internet. Een belangrijke kanttekening is dat in dit voorbeeld alleen voor main gekozen is en niet ook voor contrib en non-free. Dit heeft onder andere met de juridische achtergrond van de verschillende repositories te maken en hoe de wereld naar sommige vraagstukken kijkt. De main-repository voldoet aan de Debian Free Software Guidelines waardoor alle data mag worden gedownload en opnieuw mag worden aangeboden.

Het gebruik van apt-p2p is niet zo snel als direct downloaden van een Debian-mirror en ook niet alles software zal direct beschikbaar zijn via p2p, maar het netwerk zal eens gestart en gevuld moeten worden. Het is ook te merken dat het netwerk voornamelijk bruikbaar is voor Debian stable door het stabielere karakter van de packages die minder snel veranderen dan bij testing of unstable. Maar toch blijft apt-p2p goed bruikbaar in bijna alle gevallen door de optie om transparant terug te vallen op een Debian-mirror.

Als ik nu de laatste acht weken waarin ik apt-p2p gebruik bekijk dan kan ik wel tevreden zijn over de oplossing. Er zijn nog wel een paar kanttekeningen voordat het mainstream gebruikt kan worden. Hopelijk komt er op korte termijn een Debian-mirror die ook koppeling krijgt met het p2p-netwerk zodat alle software beschikbaar is. En twee andere zijn het niet ondersteunen van pdiff-files om de package index incrementeel bij te werken en de mogelijkheid om de lokale cache na verloop van tijd op te ruimen. Een kloon van apt-get autoclean zou dus ook wenselijk zijn voor de cache van apt-p2p.

De vraag is misschien ook of alles wat Debian beschikbaar heeft de repository zo beschikbaar komt, maar misschien ook of Debian niet langzaam terug moet naar de basis. Het popcon-project geeft nu al feedback aan welke packages amper gebruikt worden en misschien kan dit ook worden gebruikt om een bepaalde set packages met broncode altijd beschikbaar te maken via het p2p-netwerk. Ubuntu is eigenlijk al deze verzameling, maar dan op een CD van geperst.